ECLI:NL:CRVB:2023:570
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet nakomen informatieplicht
Appellant ontving bijstand en verbleef bij zijn broer op een opgegeven adres. Het college stelde een onderzoek in nadat bleek dat appellant was uitgeschreven van zijn postadres. Brieven voor gesprekken en informatieverzoeken werden naar het postadres gestuurd, maar kwamen retour als onbestelbaar. Appellant verscheen niet op afspraken en leverde geen gegevens aan.
Het college trok de bijstand in en vorderde teveel betaalde bijstand terug. De rechtbank oordeelde dat appellant dit kon worden verweten omdat hij zijn postadres niet tijdig had verlengd en het college de brieven ook persoonlijk op het verblijfadres had bezorgd. Appellant had de gevolgen van het niet verschijnen en niet aanleveren van gegevens moeten begrijpen.
In hoger beroep voerde appellant aan dat de brieven niet juist waren bezorgd en dat het college een verschoonbare termijnoverschrijding had erkend, maar deze gronden werden verworpen. Ook het argument dat de opgevraagde gegevens niet relevant waren, werd afgewezen. De Raad bevestigde de eerdere uitspraak en liet de intrekking en terugvordering van bijstand in stand.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand worden bevestigd omdat appellant niet is verschenen en gevraagde gegevens niet heeft verstrekt.