ECLI:NL:CRVB:2022:558
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor stofferingskosten wegens niet gemaakte kosten
Appellant ontving bijstand op grond van de Participatiewet en vroeg bijzondere bijstand aan voor stofferingskosten in verband met een huurovereenkomst voor een woning op een bepaald adres. Het college kende een lening toe voor huisraad, maar wees bijzondere bijstand voor stofferingskosten af omdat deze kosten niet waren gemaakt.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant dat ten onrechte geen bijzondere bijstand werd toegekend. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de stofferingskosten zich niet voordoen omdat appellant per 1 oktober 2018 op een ander adres ging wonen en geen kosten voor stoffering van de betreffende woonruimte heeft gemaakt.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen omdat appellant geen stofferingskosten heeft gemaakt.