ECLI:NL:CRVB:2022:2601
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na tegemoetkoming Sociale Verzekeringsbank in bezwaren appellant
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam inzake een AOW-zaak. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) heeft op 30 mei 2022 een herziene beslissing op bezwaar genomen, waarmee zij tegemoet is gekomen aan de bezwaren van appellant.
Naar aanleiding hiervan heeft appellante het hoger beroep ingetrokken en verzocht om veroordeling van de Svb in de proceskosten. De Svb heeft geen verweerschrift ingediend. De Raad heeft het onderzoek zonder zitting gesloten op grond van artikel 8:57 Awb Pro.
De Raad overweegt dat op grond van artikel 8:75a Awb het bestuursorgaan veroordeeld kan worden in de kosten indien het tegemoet is gekomen aan de bezwaren. De Svb heeft toegezegd de kosten voor rechtsbijstand in de bezwaarfase te vergoeden. De Raad veroordeelt de Svb in de proceskosten voor behandeling van beroep en hoger beroep, begroot op € 2.277,-.
De uitspraak is gedaan door M.A.H. van Dalen-van Bekkum, in aanwezigheid van griffier D. van der Boom, en is uitgesproken in het openbaar op 1 december 2022.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep veroordeelt de Sociale Verzekeringsbank in de proceskosten van appellant na intrekking van het hoger beroep wegens tegemoetkoming in bezwaren.