ECLI:NL:CRVB:2022:2362
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing nabestaandenuitkering wegens ontbreken verzekering echtgenoot op overlijdensdatum
Appellante, woonachtig in Marokko, verzocht om een nabestaandenuitkering na het overlijden van haar echtgenoot in 2020. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) wees de aanvraag af omdat de echtgenoot niet verzekerd was voor de Algemene nabestaandenwet (ANW) op het moment van overlijden.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellante ongegrond, stellende dat de echtgenoot niet voldeed aan de verzekeringsvoorwaarden van de ANW. Appellante ging in hoger beroep en voerde aan dat zij als weduwe met een arbeidsongeschiktheid recht zou hebben op de uitkering, mede omdat haar echtgenoot een ouderdomspensioen ontving.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het feit dat de echtgenoot een ouderdomspensioen ontving niet betekent dat hij verzekerd was voor de ANW. Verder stond vast dat hij niet in Nederland woonde of werkte en niet vrijwillig verzekerd was. Ook op grond van het Nederlands-Marokkaanse verdrag (NMV) bestond geen aanspraak. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante geen recht heeft op een nabestaandenuitkering omdat haar echtgenoot niet verzekerd was voor de ANW op het moment van overlijden.