ECLI:NL:CRVB:2021:431
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet-indienen beroepsgronden
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Gelderland. Het beroepschrift bevatte echter geen beroepsgronden, hetgeen in strijd is met artikel 6:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De gemachtigde van appellante is twee keer schriftelijk in de gelegenheid gesteld om de beroepsgronden alsnog binnen een termijn van vier weken in te dienen, maar heeft deze termijnen ongebruikt laten verstrijken.
Er is geen sprake van een verontschuldiging voor het verzuim. Hierdoor is het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard zonder inhoudelijke behandeling van de zaak. De Centrale Raad van Beroep heeft geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 2 maart 2021. Tegen deze uitspraak staat binnen zes weken verzet open.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet indienen van beroepsgronden binnen de gestelde termijnen.