ECLI:NL:CRVB:2021:338
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ziekengeld wegens ontbreken medisch onderzoek
Betrokkene, laatstelijk werkzaam als boekhoudster, meldde zich ziek met psychische klachten en vroeg ziekengeld aan. Het UWV beëindigde het recht op ziekengeld omdat betrokkene niet meewerkte aan een medisch onderzoek en niet verscheen bij een hoorzitting. Betrokkene stelde in hoger beroep dat zij door psychische problemen niet in staat was de hoorzitting bij te wonen, maar dit werd niet bevestigd door medische informatie in het dossier.
De rechtbank oordeelde dat het UWV terecht het recht op ziekengeld buiten beschouwing had gelaten omdat betrokkene onvoldoende medisch bewijs leverde en niet aannemelijk maakte dat zij niet kon verschijnen. De brief van Trivium Plus en verklaringen van psychologen betroffen een ander beoordelingskader en ondersteunden haar stelling niet.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde het oordeel van de rechtbank en wees erop dat betrokkene wel in staat was om op een eerdere hoorzitting te verschijnen. Het hoger beroep werd verworpen en de weigering van het UWV tot toekenning van ziekengeld bleef in stand.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de weigering van het UWV tot toekenning van ziekengeld wordt bevestigd.