ECLI:NL:CRVB:2021:3081
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Limburg, maar heeft het vereiste griffierecht niet volledig binnen de gestelde termijn betaald. Hoewel appellant een beroep op betalingsonmacht deed en daartoe een formulier en uitkeringsspecificatie inzond, voldeed hij niet aan de criteria voor betalingsonmacht. De Raad wees appellant hier meerdere malen op en gaf hem telkens een termijn om het resterende griffierecht te voldoen.
Ondanks verschillende herinneringen en aanmaningen, waaronder aangetekende brieven, betaalde appellant slechts kleine bedragen, waardoor het volledige griffierecht niet werd voldaan. De Raad concludeerde dat appellant in verzuim was en verklaarde het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk zonder inhoudelijke behandeling.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 9 december 2021. Tegen deze beslissing kan binnen zes weken schriftelijk verzet worden ingesteld.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het volledige griffierecht.