ECLI:NL:CRVB:2021:3079
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na tegemoetkoming Sociale Verzekeringsbank in bezwaar
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam inzake een AOW-zaak. Tijdens de procedure heeft de Sociale Verzekeringsbank (Svb) op 31 augustus 2021 een beslissing op bezwaar genomen waarin zij volledig aan de bezwaren van appellante tegemoet is gekomen. Hierdoor heeft appellante het hoger beroep op 1 september 2021 ingetrokken.
De Centrale Raad van Beroep heeft op grond van artikel 8:75a en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) overwogen dat bij intrekking van het beroep vanwege tegemoetkoming door het bestuursorgaan, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener in de proceskosten kan worden veroordeeld. Hoewel de Svb reeds een vergoeding voor de kosten in bezwaar had toegekend, werd nog beoordeeld of vergoeding van kosten in beroep en hoger beroep gerechtvaardigd was.
De Raad heeft de Svb veroordeeld tot betaling van proceskosten aan appellante voor de verleende rechtsbijstand, begroot op €1.496,- voor beroep en €1.496,- voor hoger beroep, totaal €2.992,-. Voor het griffierecht kan appellante zich rechtstreeks tot de Svb wenden. De uitspraak is gedaan op 9 december 2021 door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep is ingetrokken na tegemoetkoming door de Svb en de Svb is veroordeeld tot betaling van proceskosten van €2.992,-.