ECLI:NL:CRVB:2021:3064
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland. Volgens artikel 8:41 van Pro de Algemene wet bestuursrecht is griffierecht verschuldigd bij het indienen van een beroepschrift, en artikel 8:108 Awb Pro is van toepassing op hoger beroep.
De gemachtigde van appellant is meerdere malen schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht binnen een bepaalde termijn. Ondanks deze waarschuwingen is het griffierecht niet tijdig voldaan. De Raad concludeert dat appellant in verzuim is en verklaart het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door E.C.R. Schut, in aanwezigheid van griffier D.W.M. Kaldenhoven, en is openbaar uitgesproken op 7 december 2021.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht binnen de gestelde termijn.