ECLI:NL:CRVB:2021:2967
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Limburg. Volgens artikel 8:41 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het betalen van griffierecht verplicht bij het indienen van een beroepschrift, hetgeen ook van toepassing is op hoger beroep conform artikel 8:108 Awb Pro.
Appellant heeft een beroep op betalingsonmacht gedaan, maar na beoordeling door de Raad is dit afgewezen omdat niet aan de criteria werd voldaan. Appellant werd meerdere malen schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht en de gevolgen van niet-betaling, waaronder niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep.
Ondanks meerdere herinneringen en waarschuwingen heeft appellant slechts een klein deel van het griffierecht betaald. De Raad oordeelt dat appellant in verzuim is en verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de Centrale Raad van Beroep op 30 november 2021.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het volledige griffierecht binnen de gestelde termijn.