ECLI:NL:CRVB:2020:637
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond wegens verzuim bij te late ontvangst hogerberoepschrift
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar het hogerberoepschrift werd niet tijdig ontvangen door de Centrale Raad van Beroep. Hoewel het document vóór het verstrijken van de termijn per post was verzonden, werd het pas na de wettelijke termijn ontvangen, waardoor niet aan de voorwaarden van artikel 6:9, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) werd voldaan.
De Raad had het hoger beroep eerder niet-ontvankelijk verklaard wegens dit verzuim. Appellant deed hiertegen verzet en stelde dat het hogerberoepschrift tijdig per aangetekende post was verzonden. Tijdens de zitting waren beide partijen afwezig.
De Raad oordeelde dat het risico van late ontvangst bij de verzender ligt en dat er geen feiten of omstandigheden waren die het verzuim konden rechtvaardigen. Daarom werd het verzet ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
De uitspraak werd gedaan door rechter C.H. Bangma, met griffier R.I.S. van Haaren, op 6 maart 2020.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard vanwege te late ontvangst van het hogerberoepschrift.