ECLI:NL:CRVB:2020:2547
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens bijzondere bijstand
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een afwijzende beslissing van het college van burgemeester en wethouders van Cuijk over bijzondere bijstand. Tijdens het hoger beroep werd het beroep ingetrokken nadat het college alsnog de gevraagde bijzondere bijstand toekende. Appellante verzocht het college vervolgens te veroordelen in de proceskosten.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat in beginsel bij tegemoetkomen door het bestuursorgaan een proceskostenveroordeling volgt. Echter kan hiervan worden afgeweken bij bijzondere omstandigheden. In deze zaak is de bijzondere bijstand toegekend naar aanleiding van een verzoek om herziening dat appellante had ingediend tijdens het hoger beroep, waarbij zij de definitieve belastingaanslag 2018 overlegde.
Het college had appellante reeds in bezwaar geïnformeerd dat een herziening mogelijk was op basis van een later opgelegde belastingaanslag. De toekenning van de bijstand houdt daarom geen verband met de procedure zelf. Om die reden wijst de Raad het verzoek tot proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het verzoek om het college te veroordelen in de proceskosten wordt afgewezen wegens bijzondere omstandigheden.