ECLI:NL:CRVB:2020:1439
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzoek om herziening afgewezen wegens niet-betaling griffierecht
Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep verzocht om herziening van een eerdere uitspraak van 8 november 2018. De Raad heeft verzoeker meerdere malen gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €259,- binnen de gestelde termijnen. Ondanks herinneringen en aanmaningen is het griffierecht niet tijdig voldaan.
De Raad constateert dat verzoeker niet in verzuimvrijstelling kan worden gesteld en dat het verzoek om herziening daarom kennelijk niet-ontvankelijk is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De beslissing is genomen zonder inhoudelijke behandeling van het verzoek om herziening.
De uitspraak is gedaan door H. Benek, in aanwezigheid van griffier E. Blijleven-de Vries, en is op 9 juli 2020 in het openbaar uitgesproken. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld.
Uitkomst: Het verzoek om herziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht binnen de gestelde termijn.