ECLI:NL:CRVB:2020:1290
Centrale Raad van Beroep
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Kostenveroordeling na intrekken hoger beroep wegens tegemoetkomen bezwaren
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam. Het college heeft vervolgens het eerdere besluit ingetrokken en alsnog bijstand toegekend over de periode van 7 april 2016 tot en met 27 juli 2016.
Naar aanleiding hiervan heeft appellant het hoger beroep ingetrokken en verzocht om een kostenveroordeling van het college voor de proceskosten in bezwaar, beroep en hoger beroep. Het college heeft geen verweerschrift ingediend en het onderzoek ter zitting is achterwege gelaten.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat op grond van de Algemene wet bestuursrecht het bestuursorgaan bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming aan bezwaren kan worden veroordeeld in de proceskosten. De Raad veroordeelt het college tot betaling van een bedrag van € 2.625,-, bestaande uit kosten in bezwaar, beroep en hoger beroep voor verleende rechtsbijstand.
De uitspraak is gedaan door mr. E.C.R. Schut en uitgesproken in het openbaar op 16 juni 2020.
Uitkomst: Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam is veroordeeld tot betaling van € 2.625,- aan proceskosten aan appellant.