ECLI:NL:CRVB:2020:1282
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdig betalen griffierecht
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam. Volgens artikel 8:41 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) moet bij het indienen van een beroepschrift griffierecht worden betaald, hetgeen ook van toepassing is op hoger beroep volgens artikel 8:108 Awb Pro.
Appellante is meerdere malen schriftelijk gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht van €131,00 en de uiterste betaaldatum. Ondanks deze waarschuwingen is het griffierecht niet binnen de gestelde termijnen voldaan.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellante in verzuim is en verklaart het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk zonder inhoudelijke behandeling. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig betalen van het griffierecht.