ECLI:NL:CRVB:2019:589
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging Ziektewetuitkering na zorgvuldig medisch en arbeidskundig onderzoek
Appellant, voormalig grondwerker, meldde zich ziek met meerdere klachten en ontving een Ziektewetuitkering. Na een medisch en arbeidskundig onderzoek door het UWV werd vastgesteld dat appellant meer dan 65% van zijn maatmaninkomen kon verdienen met aangepaste functies, waarna de uitkering werd beëindigd.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de beperkingen juist waren vastgesteld. Ook de arbeidskundige beoordeling werd als voldoende gemotiveerd beschouwd.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn bezwaren, stellende dat zijn beperkingen werden onderschat en dat de geselecteerde functies zijn beperkingen overschrijden. De Centrale Raad van Beroep onderschreef echter de eerdere oordelen, stelde vast dat appellant geen nieuwe medische stukken had ingediend en dat de geschiktheid voor de functies afdoende was gemotiveerd.
De Raad bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, waarmee het hoger beroep werd verworpen. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van de Ziektewetuitkering wordt bevestigd.