Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- verklaart het verzet gegrond;
- veroordeelt de svb in de proceskosten van het verzet van appellant tot een bedrag van
Centrale Raad van Beroep
Appellant had beroep ingesteld tegen een besluit van de Sociale Verzekeringsbank (SVB), maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet tijdig was betaald. In het verzet werd echter vastgesteld dat het griffierecht op 5 juli 2019 wel tijdig was voldaan, maar door een administratieve fout op 9 juli 2019 teruggestort.
De Centrale Raad van Beroep verklaarde het verzet gegrond, vernietigde de eerdere niet-ontvankelijkverklaring en besloot het onderzoek voort te zetten in de stand waarin het zich bevond. Tevens werd aan de gemachtigde van appellant een nieuwe termijn gegeven om het griffierecht van € 47,- alsnog te voldoen.
Daarnaast werd de SVB veroordeeld tot betaling van de proceskosten van appellant voor een bedrag van € 512,- voor verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd gedaan door rechter C.H. Bangma op 17 december 2019.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en de SVB wordt veroordeeld in de proceskosten van appellant.