ECLI:NL:CRVB:2019:2302
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Stehouwer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit college over niet gemelde inkomsten en boete bij bijstandsverlening
Appellant ontvangt bijstand op grond van de Participatiewet. Na een aanhouding waarbij € 935,- werd aangetroffen, stelde het college dat dit bedrag afkomstig was uit niet gemelde inkomsten en legde een boete op. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep betoogt appellant dat het college onterecht het bedrag als niet gemelde inkomsten aanmerkt en dat het boetebesluit onvoldoende gemotiveerd is. De Raad oordeelt dat het college niet heeft voldaan aan de bewijslast om het bedrag van € 932,- als niet gemelde inkomsten aan te merken, mede gezien de verklaring van appellant en bankafschriften.
De Raad vernietigt daarom het bestreden besluit en het besluit van 28 februari 2017, en veroordeelt het college tot vergoeding van de proceskosten en griffierechten. Het beroep wordt gegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van het college wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs van niet gemelde inkomsten.