ECLI:NL:CRVB:2019:1045
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging recht op ziekengeld wegens verdiencapaciteit boven 65%
Appellant, laatst werkzaam als straler/spuiter, meldde zich ziek met psychische en lichamelijke klachten. Het UWV stelde na medisch en arbeidskundig onderzoek vast dat appellant meer dan 65% van zijn maatmaninkomen kan verdienen en beëindigde zijn recht op ziekengeld. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de beperkingen juist waren vastgesteld.
In hoger beroep voerde appellant aan dat het medisch onderzoek niet zorgvuldig was, dat bepaalde klachten buiten beschouwing waren gelaten en dat de geselecteerde functies niet geschikt waren vanwege fysieke en concentratiebeperkingen. Hij verzocht om benoeming van een onafhankelijke medisch deskundige.
De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, dat alle klachten waren meegenomen en dat de beperkingen in de Functionele Mogelijkhedenlijst adequaat waren vastgesteld. De geselecteerde functies overschreden de belastbaarheid niet. Het verzoek tot benoeming van een onafhankelijke deskundige werd afgewezen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen aanleiding gezien voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het recht op ziekengeld blijft beëindigd.