Uitspraak
17.4358 PW
OVERWEGINGEN
[appellant]?
Ik heb daar maar 5 x in totaal mee geholpen. Ik heb daar stage gelopen. Overdag werkt
[M] voor [ [X] ] en ’s avonds deden wij verhuizingen.
door u of [M]?
gebeurde in een [merk auto] .”
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant en zijn echtgenote ontvingen bijstand op grond van de Participatiewet. Naar aanleiding van een anonieme melding startte het college een onderzoek naar niet gemelde werkzaamheden van appellant als koerier en verhuizer. Appellant gaf tijdens een gesprek een verklaring af waarin hij aanvankelijk ontkende werkzaamheden te verrichten, maar later toegaf incidenteel en gedurende enkele maanden in 2015 werkzaamheden te hebben verricht zonder deze te melden.
Het college trok de bijstand over 2015 in en vorderde de kosten terug wegens schending van de inlichtingenplicht. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep. De Raad oordeelde dat het college bevoegd was het onderzoek te starten op basis van een anonieme melding en dat appellant voldoende Nederlands spreekt om gebonden te zijn aan zijn verklaring.
De Raad stelde vast dat appellant geen juiste en volledige informatie heeft verstrekt over zijn werkzaamheden, wat een geldige grond is voor intrekking van de bijstand. Appellant slaagde er niet in aannemelijk te maken dat hij recht had op bijstand over de periode. De brutering van de terugvordering werd niet bestreden. De Raad wees het hoger beroep af en bevestigde de eerdere uitspraak.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de intrekking van de bijstand en terugvordering worden bevestigd.