ECLI:NL:CRVB:2018:3369
Centrale Raad van Beroep
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor dubbele huur wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Appellant verzocht om bijzondere bijstand voor de kosten van dubbele huur nadat hij vanwege overlast van zijn onderbuurvrouw was verhuisd. Het college wees de aanvraag af omdat de kosten ten tijde van de aanvraag al waren gemaakt en voldaan, en er geen bijzondere omstandigheden waren die een uitzondering rechtvaardigden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en in hoger beroep voerde appellant aan dat de spoedige verhuizing en urgentieverklaring bijzondere omstandigheden vormden. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat deze omstandigheden onvoldoende waren onderbouwd en dat de wettelijke bepalingen (artikel 35 en Pro 11 PW) duidelijk maken dat kosten die vóór de aanvraag zijn gemaakt niet voor bijzondere bijstand in aanmerking komen.
Daarom werd het hoger beroep verworpen en de eerdere uitspraak bevestigd, waarmee de aanvraag voor bijzondere bijstand definitief werd afgewezen.
Uitkomst: De aanvraag voor bijzondere bijstand voor dubbele huur wordt afgewezen wegens ontbreken van bijzondere omstandigheden en omdat de kosten vóór de aanvraag zijn gemaakt.