ECLI:NL:CRVB:2018:2946
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring in hoger beroep WAO-uitkering ongegrond verklaard
In deze zaak was appellant in hoger beroep gegaan tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam inzake een WAO-uitkering. De Centrale Raad van Beroep had het hoger beroep echter niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet was betaald.
Appellant stelde in het verzet dat hij recht had op een WAO-uitkering, maar gaf geen verklaring voor het niet betalen van het griffierecht. De Raad constateerde dat appellant geen feiten of omstandigheden had aangevoerd die konden rechtvaardigen dat hij niet in verzuim was geweest met betrekking tot de betaling.
Daarom verklaarde de Centrale Raad van Beroep het verzet ongegrond. Tevens was er geen aanleiding om appellant te veroordelen in de proceskosten van het verzet. De uitspraak werd mondeling gedaan op 7 september 2018 door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens niet-betaling van griffierecht is ongegrond verklaard.