ECLI:NL:CRVB:2018:1717
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond wegens niet tijdige betaling griffierecht in sociaal zekerheidszaak
Appellante heeft verzet ingesteld tegen de eerdere beslissing van de Centrale Raad van Beroep waarin haar hoger beroep niet-ontvankelijk werd verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.
Tijdens de zitting van 1 mei 2018 waren partijen niet aanwezig. Appellante stelde in verzet dat zij de nota voor betaling van het griffierecht niet had ontvangen en verzocht om vrijstelling van betaling.
De Raad oordeelde dat appellante geen feiten of omstandigheden had aangevoerd die het verzuim konden uitsluiten. De nota en rappel waren naar het bij de Raad bekende adres verzonden en niet retour ontvangen. Het verzoek om vrijstelling werd afgewezen omdat het buiten de termijn was ingediend.
Daarom werd het verzet ongegrond verklaard en was er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door H.C.P. Venema op 12 juni 2018.
Uitkomst: Het verzet van appellante wordt ongegrond verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.