ECLI:NL:CRVB:2018:1323
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen recht op ziekengeld na zorgvuldig medisch onderzoek UWV
Appellant, werkzaam als bouwopruimer/sloper, meldde zich op 4 maart 2015 ziek met lichamelijke en psychische klachten. Het UWV stelde per 15 juni 2015 vast dat appellant geen recht meer had op ziekengeld, gebaseerd op een medisch onderzoek door een verzekeringsarts bezwaar en beroep. Deze arts concludeerde dat appellant geschikt was voor zijn maatgevende arbeid vanaf 4 maart 2015.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, omdat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en appellant geen nieuwe medische gegevens had overgelegd. In hoger beroep voerde appellant aan dat zijn PTSS-klachten waren verergerd en dat het onderzoek onzorgvuldig was omdat een stressecho niet was afgewacht.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep voldoende had gemotiveerd dat appellant geschikt was voor zijn arbeid. Er waren geen nieuwe medische gegevens die het standpunt van appellant ondersteunden. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van het UWV dat appellant geen recht meer heeft op ziekengeld is bevestigd.