ECLI:NL:CRVB:2018:1072
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond wegens niet tijdige betaling griffierecht in hoger beroep UWV-besluit
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een besluit van het UWV, maar betaalde het griffierecht niet binnen de gestelde termijn. Hierdoor verklaarde de Centrale Raad van Beroep het hoger beroep niet-ontvankelijk in haar uitspraak van 21 juli 2017.
Appellant stelde verzet in tegen deze beslissing, stellende dat het griffierecht op 24 juli 2017 was betaald. Dit was echter ruim na de termijn verstreken, zonder dat appellant een geldige reden voor de late betaling gaf. Beide partijen waren niet aanwezig bij de zitting van 1 maart 2018.
De Raad oordeelde dat er geen omstandigheden waren die het verzuim konden rechtvaardigen en verklaarde het verzet ongegrond. Tevens werd het beroep tegen het gewijzigde besluit van 17 februari 2017 uitdrukkelijk niet-ontvankelijk verklaard. Het te laat betaalde griffierecht van €124,- werd aan appellant terugbetaald.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard en het hoger beroep tegen het UWV-besluit is niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.