ECLI:NL:CRVB:2017:2964
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.A. Kooijman
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Bevestiging disciplinaire straf verplaatsing wegens plichtsverzuim op Facebook
Appellant, werkzaam bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, werd meerdere malen aangesproken op zijn gedrag en eerder disciplinair gestraft. In december 2014 verscheen een beledigend bericht op zijn Facebookpagina, waarvoor hij verantwoordelijk werd gehouden. Ondanks aanvankelijke ontkenning gaf appellant later toe dat de pagina van hem was, maar dat een kennis het bericht had geplaatst.
De minister legde hem wegens plichtsverzuim de disciplinaire straf van verplaatsing op, met een afbouwregeling voor misgelopen toelagen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad bevestigt dit oordeel. De Raad acht appellant verantwoordelijk voor het bericht en het geplaatst houden ervan, ook al gebeurde dit in privétijd. Vanwege zijn representatieve functie gelden hoge eisen aan integriteit.
De Raad oordeelt dat de straf niet onevenredig is, mede gezien de eerdere waarschuwingen en disciplinaire maatregelen. Appellant had de leidinggevende moeten informeren en hulp moeten zoeken bij het verwijderen van het bericht. Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De disciplinaire straf van verplaatsing wegens plichtsverzuim wordt bevestigd.