ECLI:NL:CRVB:2017:2606

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
18 juli 2017
Publicatiedatum
27 juli 2017
Zaaknummer
15/7686 ANW-V
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Verzet
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:55 AwbArt. 8:108 Awb
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet ongegrond wegens niet betalen griffierecht in sociale zekerheidszaak

Appellante heeft in hoger beroep het griffierecht niet betaald, waardoor het beroep niet-ontvankelijk werd verklaard door de Centrale Raad van Beroep. Vervolgens heeft appellante verzet aangetekend tegen deze beslissing, stellende dat zij het griffierecht niet kon betalen.

De Raad heeft het verzet behandeld zonder dat appellante of haar gemachtigde is verschenen. In het verzet zijn geen feiten of omstandigheden aangevoerd die het niet betalen van het griffierecht rechtvaardigen of het verzuim opheffen.

De Raad oordeelt dat appellante zich binnen de gestelde betalingstermijn tot de Raad had moeten wenden bij betalingsproblemen, wat niet is gebeurd. Daarom wordt het verzet ongegrond verklaard en wordt appellante niet veroordeeld in de proceskosten van het verzet.

Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht zonder geldige reden.

Uitspraak

Datum uitspraak: 18 juli 2017
15/7686 ANW-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak, bedoeld in de artikelen 8:55, zevende lid, en 8:108, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 15 oktober 2015, 15/1415 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellante] te [woonplaats] , Marokko (appellante)
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank
Zitting heeft: T.G.M. Simons
Griffier: D.W.M. Kaldenhoven
Ter zitting is niemand verschenen

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.

GRONDEN VAN DE BESLISSING

Bij uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:54 en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht van 4 november 2016 heeft de Raad het hoger beroep van appellante tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet is betaald.
In het verzetschrift heeft appellante verklaard dat zij het griffierecht niet kan betalen.
De Raad is van oordeel dat appellante in verzet geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat zij niet in verzuim is geweest. Indien appellante problemen had met het betalen van het griffierecht, had zij zich binnen de haar gestelde betalingstermijn tot de Raad moeten wenden. Dat heeft zij echter niet gedaan.
Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet is geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier De voorzitter
(getekend) D.W.M. Kaldenhoven (getekend) T.G.M. Simons

KP

DÉCISION

La Centrale Raad van Beroep (Cour d'Appel Centrale), déclare le recours non fondé.
Par conséquent, décidée par T.G.M. Simons en présence D.W.M. Kaldenhoven en qualité de greffier, ainsi que prononcée en public, le 18 juillet 2017.