ECLI:NL:CRVB:2016:547
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- P. Vrolijk
- L. Koper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid ondanks psychische klachten
Appellant, voormalig teamcoördinator, viel uit wegens psychische klachten en vroeg een WIA-uitkering aan. Het UWV stelde vast dat hij minder dan 35% arbeidsongeschikt was en weigerde de uitkering. In bezwaar en beroep werden aanvullende medische onderzoeken verricht, waaronder rapportages van psychiater Witte en verzekeringsarts Bakker, die de beperkingen beoordeelden en een aangepaste Functionele Mogelijkhedenlijst opstelden.
De rechtbank oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek deugdelijk was en dat er geen objectieve medische grond was voor een urenbeperking. Appellant handhaafde zijn bezwaar in hoger beroep en vroeg om benoeming van een onafhankelijke psychiater. De Raad volgde de rechtbank en vond de motivering van de verzekeringsarts overtuigend, waarbij werd benadrukt dat appellant duurzaam boven de grens van zelfredzaamheid functioneert.
De Raad zag geen aanleiding voor benoeming van een onafhankelijke deskundige en bevestigde dat appellant in staat is de passende functies te vervullen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.