ECLI:NL:CRVB:2016:4920
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet gegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens griffierecht
De Centrale Raad van Beroep behandelde het verzet tegen de eerdere beslissing van 14 september 2016 waarbij het hoger beroep van appellante niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het niet tijdig voldoen van het griffierecht.
De Raad overwoog dat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn van vier weken was voldaan, zoals aangetekend medegedeeld op 13 juli 2016. Hierdoor was appellante in verzuim. Echter, gelet op de bijzondere omstandigheden van het geval, werd appellante alsnog in de gelegenheid gesteld het griffierecht te voldoen, wat tijdig gebeurde.
Daarom verklaarde de Raad het verzet gegrond, verviel de eerdere niet-ontvankelijkverklaring en werd het onderzoek voortgezet in de stand waarin het zich bevond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd aan appellante.
De uitspraak werd gedaan door T.G.M. Simons, in aanwezigheid van griffier J.A. Achterberg, op 21 december 2016.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond.