ECLI:NL:CRVB:2016:4849
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ontheffing arbeidsverplichting op grond van Participatiewet
Appellant, die bijstand ontvangt op grond van de Participatiewet, is door het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam ontheven van de sollicitatieplicht voor de duur van maximaal een jaar vanwege gezondheidsklachten. Appellant verzocht om een langere ontheffing van drie jaar, conform het gemeentelijke beleid voor duurzaam volledig arbeidsongeschikten, maar heeft dit niet expliciet aangevraagd.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat appellant slechts een principieel belang zou hebben bij de beoordeling van de duur van de ontheffing. De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat appellant wel degelijk een belang heeft bij de beoordeling van het beroep en vernietigt de uitspraak van de rechtbank.
Na inhoudelijke behandeling oordeelt de Raad dat appellant onvoldoende objectieve gegevens heeft aangeleverd om een ontheffing langer dan een jaar te rechtvaardigen. Het gemeentelijke beleid voorziet alleen in een langere ontheffing als hier expliciet om wordt gevraagd. Omdat appellant dit niet heeft gedaan, wordt het beroep ongegrond verklaard.
De Raad veroordeelt het college in de proceskosten en bepaalt dat het betaalde griffierecht aan appellant wordt vergoed. De zaak wordt niet terugverwezen naar de rechtbank, maar door de Raad zelf afgedaan.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.