ECLI:NL:CRVB:2016:4754
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Stehouwer
- M. Hillen
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling stelling aanvraag bijstand wegens niet tijdig verstrekken bankgegevens
Appellant ontving sinds juni 2011 bijstand op grond van de WWB. Na opschorting per april 2014 heeft het college de bijstand ingetrokken omdat appellant niet alle gevraagde gegevens over zijn bankrekeningen verstrekte. Appellant diende in juli 2014 een nieuwe aanvraag in met vermelding van drie bankrekeningen, terwijl het college op basis van informatie van het Inlichtingenbureau zes rekeningen kende.
Het college verzocht appellant meerdere malen om afschriften van alle bankrekeningen over de periode januari tot juli 2014, maar appellant leverde deze niet volledig aan. Daarom stelde het college de aanvraag buiten behandeling op grond van artikel 4:5 Awb Pro. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, waarbij zij oordeelde dat de financiële gegevens essentieel zijn voor de beoordeling van de bijstand en dat appellant onvoldoende had onderbouwd waarom hij niet alle gevraagde gegevens kon aanleveren.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt dat hij niet over alle gevraagde rekeningen beschikte. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant geen nieuwe gronden aanvoerde die het oordeel van de rechtbank konden weerleggen en bevestigde de uitspraak. De aanvraag blijft daarom buiten behandeling wegens onvoldoende gegevensverstrekking.
Uitkomst: De aanvraag bijstand wordt buiten behandeling gesteld wegens het niet tijdig verstrekken van gevraagde bankafschriften.