ECLI:NL:CRVB:2016:4679
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging recht op ziekengeld wegens verdiencapaciteit boven 65%
Appellant, werkzaam als heftruckchauffeur, viel uit wegens schouder- en later psychische klachten. Het UWV stelde vast dat appellant vanaf 20 maart 2013 geen recht meer had op een WIA-uitkering en vanaf 26 oktober 2014 geen recht meer op ziekengeld omdat hij meer dan 65% van zijn maatmanloon kan verdienen.
Appellant maakte bezwaar en beroep tegen dit besluit, stellende dat hij ernstige psychische problematiek heeft en meer beperkingen dan vastgesteld. De arbeidsdeskundige en verzekeringsarts bezwaar en beroep bevestigden echter dat appellant geschikt is voor bepaalde functies waarmee hij ten minste 65% van zijn maatmanloon kan verdienen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. De Raad acht het medisch en arbeidskundig onderzoek zorgvuldig, en concludeert dat appellant geen recht meer heeft op ziekengeld omdat hij voldoende verdiencapaciteit heeft.
De Raad wijst erop dat de psychische klachten geen aanleiding geven tot meer beperkingen en dat de door appellant overgelegde aanvullende informatie geen verandering in de beoordeling rechtvaardigt. De uitspraak van de rechtbank wordt daarmee bekrachtigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van het ziekengeld wordt bevestigd.