Uitspraak
28 april 2015, 14/2984 (aangevallen uitspraak)
Centrale Raad van Beroep
Appellant heeft in 2014 een aanvraag ingediend op grond van de Wet Wajong. Het UWV heeft op basis van een medisch onderzoek en een arbeidskundig rapport vastgesteld dat appellant 75% van het minimumloon kan verdienen, waardoor hij niet in aanmerking komt voor een Wajong-uitkering.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) een juiste weergave was van de beperkingen van appellant. In hoger beroep voerde appellant aan dat hij door lichamelijke en psychische klachten meer beperkingen had dan in de FML waren opgenomen, onderbouwd met medische informatie van specialisten na de datum in geschil.
De Raad stelt vast dat deze nieuwe medische informatie geen nieuw licht werpt op de situatie rond de datum in geschil. De gegevens van de kinderarts en het eigen onderzoek van het UWV zijn maatgevend. Psychische klachten zijn niet met medische gegevens onderbouwd. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er is geen grond voor toekenning van schadevergoeding of proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.