ECLI:NL:CRVB:2016:3368
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens niet-betaling griffierecht ongegrond verklaard
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet was betaald en de gronden van het hoger beroep niet tijdig waren ingediend.
Appellant stelde in verzet dat het griffierecht wel was betaald en dat hij alle benodigde gegevens had toegezonden. Tevens verzocht hij om uitstel van behandeling vanwege verslechterde gezondheid, maar dit verzoek werd afgewezen omdat het niet relevant was voor de kern van het verzet.
De Raad stelde vast dat appellant zijn stellingen niet met bewijs had onderbouwd en dat er geen feiten of omstandigheden waren die konden leiden tot een oordeel dat appellant niet in verzuim was geweest. Daarom werd het verzet ongegrond verklaard en werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens niet-betaling van het griffierecht is ongegrond verklaard.