ECLI:NL:CRVB:2016:235
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming UWV
Appellant had beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV, maar trok het hoger beroep in nadat het UWV met een gewijzigde beslissing op bezwaar volledig aan de bezwaren tegemoet was gekomen.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat op grond van artikel 8:75a Awb en artikel 8:108 Awb Pro het bestuursorgaan bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming in de kosten kan worden veroordeeld. Het UWV had reeds de kosten in de bezwaarfase vergoed, zodat alleen de kosten in beroep en hoger beroep nog in aanmerking kwamen.
De Raad begrootte de proceskosten op €992,- voor beroep en €992,- voor hoger beroep, in totaal €1.984,-, en veroordeelde het UWV tot betaling hiervan. Voor griffierecht kan appellant zich rechtstreeks tot het UWV wenden.
De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 13 januari 2016.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van €1.984,- aan proceskosten aan appellant.