ECLI:NL:CRVB:2015:4986
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldige verzekeringsgeneeskundige beoordeling
Appellante ontving sinds 1997 een WAO-uitkering, die het UWV per 16 april 2013 introk. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, omdat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek, inclusief psychiatrische expertise, voldoende onderbouwd was en geen twijfel gaf over haar belastbaarheid.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar psychische en lichamelijke klachten, waaronder oogklachten, onderschat waren en verzocht om benoeming van een deskundige. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellante onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de rapporten onzorgvuldig of onjuist waren, en dat voor het aantonen van onjuistheid een medisch rapport vereist is.
De Raad bevestigde dat het onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, dat geen nieuwe medische gegevens waren ingebracht die tot een ander oordeel leidden, en dat er geen aanleiding was om de geschiktheid van de geselecteerde functies te betwijfelen. Het hoger beroep werd verworpen en de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering per 16 april 2013.