ECLI:NL:CRVB:2015:392
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging Ziektewet-uitkering wegens arbeidsgeschiktheid
Appellant was werkzaam als administratief medewerker/leidinggevende magazijn en meldde zich per 3 november 2010 ziek met rug- en darmklachten. Het UWV beëindigde op 16 mei 2012 de Ziektewet-uitkering per 22 mei 2012, omdat appellant volgens een verzekeringsarts vanaf die datum geschikt was voor arbeid.
Appellant maakte bezwaar en beroep tegen dit besluit, stellende dat het werk zwaarder was dan het UWV aannam en dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was. Hij overhandigde aanvullende medische stukken en verzocht om een onafhankelijk deskundige. Het UWV handhaafde het standpunt dat appellant arbeidsgeschikt was en dat de klachten en werkomschrijving adequaat waren beoordeeld.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep onderschrijft dit oordeel. De Raad vindt geen aanwijzingen dat de medische belastbaarheid onjuist is vastgesteld en ziet geen reden een onafhankelijk deskundige te raadplegen. Het hoger beroep wordt verworpen en de beëindiging van de Ziektewet-uitkering bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de Ziektewet-uitkering per 22 mei 2012 wegens arbeidsgeschiktheid.