ECLI:NL:CRVB:2015:3220
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens termijnoverschrijding in sociale zekerheidszaak
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant. De aangevallen uitspraak werd op 2 mei 2014 aan partijen toegezonden, waarna de termijn voor het indienen van het beroepschrift zes weken bedroeg. Het beroepschrift werd echter pas op 19 juni 2014 ontvangen, en hoewel het op 18 juni 2014 ter post werd bezorgd, was dit te laat om binnen de termijn te zijn.
Appellant gaf aan dat persoonlijke omstandigheden, zoals financiële afwikkeling van de verkoop van zijn woning, de chronische Q-koorts van zijn echtgenote en zorg voor zijn zoon, de overschrijding veroorzaakten. De Raad oordeelde echter dat deze omstandigheden onvoldoende waren om het verzuim te rechtvaardigen en dat het risico van het niet tijdig indienen volledig voor rekening van appellant komt.
Omdat appellant ook de mogelijkheid had om op andere gronden tijdige indiening te realiseren, maar dit niet deed, werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door rechter J.F. Bandringa in aanwezigheid van griffier P.A.M. Hulsdouw op 22 september 2015.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.