ECLI:NL:CRVB:2015:2501
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- E.C.R. Schut
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand en AIO-aanvulling wegens niet opgegeven buitenlands vermogen
Appellanten ontvingen vanaf 2004 bijstand en vanaf 2009 een AIO-aanvulling. In 2012 bracht de Sociale verzekeringsbank (Svb) een huisbezoek uit in het kader van een steekproefcontrole, waarna bleek dat appellanten mede-eigenaar waren van onroerend goed in Turkije. De Svb stelde vast dat het vermogen boven de vermogensgrens lag en stopzette de uitkeringen.
De Svb besloot de bijstand en AIO-aanvulling met terugwerkende kracht in te trekken vanaf respectievelijk 2004 en 2009 en vorderde het ten onrechte betaalde bedrag terug. Appellanten voerden aan dat zij geen vermogen meer hadden in het buitenland en dat terugvordering in strijd was met rechtszekerheid en evenredigheid, en dat hun financiële situatie terugvordering niet rechtvaardigde.
De Raad oordeelde dat de vermelding van onroerend goed in het eigendomsregister de veronderstelling rechtvaardigt dat appellanten over dit vermogen konden beschikken, en dat het aan hen was om het tegendeel aannemelijk te maken, hetgeen niet was gelukt. De financiële situatie van appellanten bood geen dringende reden om van terugvordering af te zien. De bezwaren tegen de terugvordering werden dan ook verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de intrekking van bijstand en AIO-aanvulling bevestigd.