ECLI:NL:CRVB:2015:1614
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstand wegens niet verschijnen op arbeidsinschakelingsafspraken
Appellante ontvangt bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het college heeft haar bijstand meerdere malen verlaagd omdat zij niet is verschenen op afspraken voor arbeidsinschakeling, waaronder intakegesprekken bij Stichting Pantar Amsterdam. Ondanks uitstel en meerdere uitnodigingen verscheen appellante te laat of niet zonder geldige medische onderbouwing.
Het college heeft op grond van de Maatregelverordening Inkomensvoorzieningen de bijstand met 100% verlaagd voor twee maanden vanwege recidive. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep voert appellante aan dat het besluit niet voldoende gemotiveerd is en dat zij niet verwijtbaar heeft gehandeld.
De Raad oordeelt dat het college voldoende heeft gemotiveerd en dat appellante geen objectieve medische informatie heeft overgelegd ter onderbouwing van haar afwezigheid. Ook is de eerdere maatregel wegens niet verschijnen terecht meegenomen. Er is geen reden om de maatregel te matigen of af te zien. Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De verlaging van de bijstand met 100% voor twee maanden wordt bevestigd wegens herhaaldelijk niet verschijnen op afspraken.