ECLI:NL:CRVB:2015:1411
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens termijnoverschrijding ongegrond verklaard
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Limburg, maar het hogerberoepschrift werd niet tijdig ingediend. De Raad verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk omdat het hogerberoepschrift pas na de uiterste datum van 7 november 2014 werd ontvangen.
Appellante voerde aan dat zij vanwege lichamelijke beperkingen en afhankelijkheid van mantelzorgers tijdelijk naar Vlaardingen was vertrokken, waardoor zij het hogerberoepschrift niet tijdig kon versturen. De Raad oordeelde dat appellante na het opstellen van het hogerberoepschrift op 2 november 2014 maatregelen had kunnen nemen om tijdige indiening te waarborgen.
De Raad zag geen gegronde reden om het verzet gegrond te verklaren en wees het verzet af. Wel werd bepaald dat het betaalde griffierecht in hoger beroep aan appellante wordt terugbetaald. Het verzet werd daarmee ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt ongegrond verklaard wegens niet-tijdige indiening van het hogerberoepschrift.