ECLI:NL:CRVB:2014:447
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling functioneren en ontslag projectleider gemeente Uden wegens onbekwaamheid
Appellante was sinds 1 juni 2008 werkzaam als projectleider bij de gemeente Uden. Over haar functioneren werden meerdere beoordelingen opgesteld, waarvan de eerste positief was, maar latere beoordelingen wezen op onvoldoende functioneren en noodzakelijke verbeteringen. Na bezwaar werden deze beoordelingen gehandhaafd.
Het college verleende appellante op grond van artikel 8:6 CAR Pro/UWO ontslag wegens onbekwaamheid, wat na bezwaar eveneens werd gehandhaafd. De rechtbank verklaarde het beroep tegen de eerste beoordeling gegrond, maar hield de rechtsgevolgen in stand, en wees de beroepen tegen de tweede en derde besluiten af.
In hoger beroep bevestigde de Raad de negatieve beoordelingen en het ontslagbesluit, maar oordeelde dat appellante voldoende gelegenheid had gehad om zich te verbeteren. Het ontslag lag binnen de werksfeer en was niet te wijten aan schuld van appellante, waardoor de weigering van de nawettelijke uitkering onterecht was. De Raad vernietigde dit deel van het besluit en kende de uitkering toe.
Daarnaast werd het college veroordeeld in de proceskosten van appellante. De uitspraak bevestigt de beoordelingscriteria en het ontslag, maar beschermt de ambtenaar door toekenning van de nawettelijke uitkering.
Uitkomst: De Raad bevestigt de negatieve beoordelingen en het ontslag, maar kent een nawettelijke uitkering toe wegens ontslag binnen de werksfeer zonder schuld van appellante.