ECLI:NL:CRVB:2014:4199
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering volledige arbeidsongeschiktheid en toekenning loongerelateerde WGA-uitkering
Appellant was door het UWV met ingang van 21 november 2012 in aanmerking gebracht voor een loongerelateerde WGA-uitkering op basis van een arbeidsongeschiktheid van 42%. Hij maakte bezwaar tegen deze beoordeling en stelde dat hij volledig arbeidsongeschikt was, mede omdat hij het lichte schoonmaakwerk in het kader van re-integratie niet kon volhouden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de beperkingen van appellant niet leidden tot volledige arbeidsongeschiktheid. De rechtbank stelde ook vast dat het schoonmaakwerk de belastbaarheid van appellant te boven ging, maar dat dit niet betekent dat hij volledig arbeidsongeschikt is.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunten, maar bracht geen nieuwe medische informatie in. Het UWV erkende dat het schoonmaakwerk niet geschikt was voor appellant. De Raad onderschreef de overwegingen van de rechtbank en stelde vast dat het staken van het schoonmaakwerk niet betekent dat appellant volledig arbeidsongeschikt is.
De Raad zag geen noodzaak voor aanvullend medisch onderzoek en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de toekenning van een loongerelateerde WGA-uitkering op basis van 42% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.