ECLI:NL:CRVB:2014:2868
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond wegens niet-betaling griffierecht in hoger beroep sociale zekerheidsrecht
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar dit beroep werd niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht. In het verzet heeft zij aangevoerd dat zij het griffierecht in augustus 2013 heeft betaald, doch voor een andere procedure bij de Raad.
Zij bood aan het griffierecht opnieuw te voldoen en verzocht om een nieuwe acceptgirokaart. De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat voor elk hoger beroep afzonderlijk griffierecht verschuldigd is en dat het wettelijke stelsel geen ruimte biedt voor een nieuwe termijn voor betaling.
Daarom wordt het verzet ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding om appellante te veroordelen in de proceskosten van het verzet. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 13 augustus 2014.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard omdat het griffierecht voor het hoger beroep niet is betaald.