ECLI:NL:CRVB:2014:2833
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Beoordeling weigering bijzondere bijstand voor medische hulpmiddelen, vervoerskosten en schuldaflossing
Appellant verzocht het college van burgemeester en wethouders van Heerlen om bijzondere bijstand voor de aanschaf van een biostick, sokaantrekker en potopener, vervoerskosten naar medische behandelingen en kosten gerelateerd aan bewindvoering. Het college wees dit verzoek af en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat de medische hulpmiddelen noodzakelijk zijn vanwege zijn medische klachten en dat de vervoerskosten niet uit het bijstandsniveau kunnen worden voldaan. De Raad oordeelde dat de genoemde hulpmiddelen algemeen gebruikelijk en zonder medisch recept verkrijgbaar zijn, en dat de vervoerskosten voor de relatief beperkte medische bezoeken als algemeen noodzakelijke bestaanskosten uit het inkomen kunnen worden voldaan.
Daarnaast vroeg appellant bijzondere bijstand voor de aflossing van een schuld aan de boedel, ontstaan door onttrekking van een nabetaalde WW-uitkering. De Raad stelde vast dat bijzondere bijstand niet kan worden verleend voor schuldaflossing, conform artikel 13, eerste lid, aanhef en onder g, van de WWB.
De Raad concludeerde dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van bijzondere bijstand voor de aangevraagde kosten en wijst het hoger beroep af.