ECLI:NL:CRVB:2014:2250
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar wegens termijnoverschrijding bij bijstandsaanvraag
Appellant vroeg bijstand aan op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het college wees de aanvraag af bij besluit van 4 juni 2012 en verzocht terugbetaling van voorschotten. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar diende dit pas op 11 maart 2013 in, na het verstrijken van de wettelijke termijn van zes weken.
De rechtbank verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij het besluit van 4 juni 2012 niet had ontvangen en dat de rechtbank onvoldoende had gemotiveerd waarom zijn stelling niet aannemelijk zou zijn.
De Raad oordeelde dat het college aannemelijk had gemaakt dat het besluit op 3 december 2012 aan de gemachtigde van appellant was verzonden, waardoor de termijn op 4 december 2012 begon te lopen. De termijnoverschrijding was derhalve niet verschoonbaar. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het besluit van 4 juni 2012 is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.