ECLI:NL:CRVB:2014:1956
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding verhuis- en inrichtingskosten Wubo wegens ontbreken medische noodzaak
Appellant, erkend als burger-oorlogsslachtoffer met blijvende psychische invaliditeit, verzocht om een vergoeding voor verhuis- en inrichtingskosten omdat zijn woning moeilijk bereikbaar was voor zijn familieleden, wat volgens hem tot psychische verslechtering zou leiden.
De Sociale verzekeringsbank wees dit verzoek af omdat niet was gebleken dat de woning ongeschikt was voor appellant zelf. Na bezwaar werd een medisch onderzoek verricht waarbij werd vastgesteld dat appellant voldoende mobiel was en geen medische noodzaak bestond voor verhuizing.
De Raad concludeerde dat het onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat het beleid juist werd toegepast. Er waren geen bijzondere omstandigheden om van het beleid af te wijken. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de vergoeding verhuis- en inrichtingskosten wordt ongegrond verklaard.