ECLI:NL:CRVB:2013:CA0551
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling stellen bijstandsaanvragen en terugvordering voorschotten
Appellant diende meerdere aanvragen om bijstand in, waarbij hij niet alle gevraagde bankgegevens tijdig overlegde. Het dagelijks bestuur stelde de aanvragen van 2 juni 2009 en 29 maart 2010 buiten behandeling op grond van artikel 4:5, eerste lid, van de Awb omdat appellant niet binnen de gestelde termijnen de noodzakelijke bewijsstukken aanleverde.
Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten, maar deze werden ongegrond verklaard door het dagelijks bestuur en later ook door de rechtbank. Daarnaast werd een bedrag van €600 aan verstrekte voorschotten teruggevorderd, waarvan de verrekening met de bijstand werd aangekondigd.
In hoger beroep voerde appellant aan dat hij niet verwijtbaar had gehandeld en dat er onduidelijkheden bestonden over de verrekening van voorschotten. De Raad oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij tijdig de gevraagde gegevens had verstrekt of alles had gedaan om dit te realiseren. Nieuwe argumenten over verrekening werden niet in behandeling genomen wegens strijd met de goede procesorde.
De Raad bevestigde de eerdere uitspraken en wees de verzoeken om schadevergoeding af. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in proceskosten. De uitspraak werd gedaan door voorzitter O.L.H.W.I. Korte op 14 mei 2013.
Uitkomst: De aangevallen uitspraken worden bevestigd en de verzoeken om schadevergoeding worden afgewezen.