ECLI:NL:CRVB:2013:BZ7331
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Beëindiging ziekengeld na zorgvuldig medisch onderzoek bevestigd
Appellant, werkzaam als schoonmaker, meldde zich ziek op 6 oktober 2008 wegens rug- en beenklachten en slaapproblemen. Het UWV beëindigde op 30 juni 2010 zijn ziekengeld per 14 juli 2010 na medisch onderzoek door verzekeringsartsen die appellant geschikt achtten voor arbeid. Appellant maakte bezwaar, dat werd afgewezen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit vanwege schending van de hoorplicht, maar handhaafde de rechtsgevolgen omdat het medisch onderzoek zorgvuldig en volledig was en appellant geen aanvullende medische gegevens overlegde. Appellant stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte geen aanvullende informatie van PsyQ nodig achtte en dat zijn medische klachten hem verhinderen te werken.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het medisch onderzoek zorgvuldig was, waarbij zowel lichamelijk als psychisch onderzoek plaatsvond en informatie van de behandelend zenuwarts werd meegewogen. De bezwaarverzekeringsarts vond geen beperkingen die arbeid belemmeren. Omdat appellant geen nieuwe medische gegevens aanvoerde, bevestigt de Raad het besluit tot beëindiging van het ziekengeld per 14 juli 2010.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot beëindiging van het ziekengeld per 14 juli 2010 wordt bevestigd.