ECLI:NL:CRVB:2013:BZ7141
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid vanaf zeventiende jaar
Appellant heeft een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering, die door het UWV werd geweigerd en deze weigering werd bevestigd bij bezwaar. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond omdat hij niet voldeed aan de voorwaarden van artikel 5 AAW Pro, namelijk dat hij vanaf zijn zeventiende jaar gedurende 52 weken onafgebroken arbeidsongeschikt moest zijn geweest.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij weliswaar werkte vanaf zijn zeventiende, maar dat hij zich destijds staande hield met behulp van genotsmiddelen en dat de diagnose ADHD pas later werd gesteld. Hij stelde dat hij daardoor al vanaf zijn zeventiende jaar arbeidsongeschikt was. De Raad overwoog echter dat de medische verklaring van psychiater Schutters onvoldoende objectieve gegevens bevatte die betrekking hadden op het zeventiende levensjaar.
Verder bleek uit de stukken dat appellant rond zijn zeventiende jaar werkte en pas in september 1980 wegens allergisch eczeem uitviel. Na een wachttijd van 52 weken werd hem een WAO-uitkering toegekend zonder psychische beperkingen. Appellant had daarna meerdere langdurige dienstverbanden. De Raad oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij vanaf zijn zeventiende jaar onafgebroken arbeidsongeschikt was en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de weigering van de Wajong-uitkering bevestigd.